Maatschappelijk draagvlak en het effect van overconcentratie

Footprint

Gepubliceerd op: 20 januari 2017

Door: Erik de Bakker
Categorie: Biobased Economy

book-magic-eye book

Bron: Wikipedia

In de jaren negentig van de vorige eeuw waren ze een rage, de boeken met 3D-illusies, waarvan met name de Magic Eye-reeks zijn weg naar het grote publiek vond. Door de afbeelding tegen je neus te houden en langzaam van je ogen weg te trekken of door die op leesafstand voor je te houden en er langs te turen alsof je in de verte keek, verscheen er in de rijen met vliegen een diepte en zag je plots de kikker met de uitgeklapte tong. Soms zag je het pas na langere tijd scheelkijken: ‘Oh ja, nu.’ Als je het te graag wilde, zo leek het wel, bleef de optische illusie zich verstoppen. Tegenwoordig worden we in bioscopen verwend met 3D- of zelfs IMAX-films, waarbij een bril ervoor zorgt dat we de derde dimensie perfect en zonder enige inspanning waarnemen. De technologie heeft een kikkersprong gemaakt.

Broedplek voor maatschappelijk vertrouwen

In maart dit jaar was ik aanwezig bij een workshop waarin de mogelijkheden werden verkend van een ‘maatschappelijke incubator’. Een maatschappelijke incubator gaat uit van een veelbelovende technologische innovatie die idealiter bijdraagt aan maatschappelijke doelen (op het gebied van duurzaamheid, gezondheid, et cetera). Politieke, economische en sociale onzekerheden kunnen er echter toe leiden dat actoren op elkaar gaan zitten wachten (‘waiting game’), waardoor de innovatie stokt. Simpel gezegd schept de maatschappelijke incubator een beschermde ‘discussieruimte’ waarin een innovator zijn plannen vertrouwelijk voorlegt aan stakeholders en deskundigen. Samen wordt dan getoetst of zijn of haar business case in bestuurlijk en maatschappelijk opzicht op draagvlak kan rekenen.

“Die middag ontspon zich een interessante dialoog over een chocolade die met nano-ijzer is verrijkt om het ijzertekort in puberende meisjes aan te pakken. Over de details van de discussie wil ik het niet hebben, wel in meer algemene zin over de drijfveren die er zijn om maatschappelijk draagvlak te willen. Het patroon van drijfveren dat ik zag, lijkt namelijk ook te gelden voor het innovatiedomein van de biobased economy.”

Drijfveren voor draagvlak: instrumenteel, normatief, substantieel

Innovators en ondernemers zien maatschappelijk draagvlak vooral in termen van consumenten die met hun keuzes beslissen of het product van de innovatie uiteindelijk succesvol is. Hun drijfveer is hoofdzakelijk gelegen in het verwerven van marktacceptatie waarin burgers instrumenteel worden opgevat als potentiële klanten. Daartegenover staat de overtuiging dat burgers bij technologische innovaties, die dieper ingrijpen op de samenleving, betrokken dienen te worden omdat het zo hoort: het bredere publiek heeft daar in normatieve zin recht op. Deze drijfveer komt dikwijls naar voren bij maatschappelijke organisaties. Tenslotte is er nog de substantiële drijfveer: ‘leken’ worden in hun rol als eindgebruikers bij ontwikkelingsprocessen betrokken, omdat het geloof is dat dit leidt tot substantieel betere producten die een grotere kans maken op economisch en maatschappelijk succes.

Het instrumentele motief dominant

In de discussie over de met nano-ijzer verrijkte chocolade viel op dat een aantal stakeholders en deskundigen een bredere discussie wenste dan de innovator voor ogen had. Vanuit zijn geloof in de baten van dit nieuwe product, focuste hij vooral op de acceptatie ervan door consumenten. Andere deelnemers wilden daarentegen dieper ingaan op de vraag of de samenleving op dit soort producten zit te wachten. De paradox is dat een hyperfocus op consumenten-acceptatie een diepere vorm van maatschappelijk draagvlak in de weg lijkt te staan. Je kunt ook te doelgericht zijn, hoe begrijpelijk die doelgerichtheid vanuit een business-perspectief ook is. De maatschappelijke incubator hielp om dit scherper in beeld te krijgen. Ook in de biobased economy zien we aanwijzingen voor dit patroon.

Public engagement in de biobased economy

Een studie naar regionale biobased economy-strategieën stelde onlangs vast dat instrumentele perspectieven de overhand hebben bij pogingen om de samenleving te betrekken. Bedrijven en overheden concentreren zich in hoge mate op burgers als consumenten die van de nieuwe producten van de biobased economy overtuigd moeten worden. Nauwelijks worden burgers benaderd als leden van een gemeenschap die zouden kunnen meebeslissen over de ontwikkeling van een regionale bioraffinaderij. Zelden worden ze ingeschakeld als eindgebruikers die een ontwikkelaar op gaten kunnen wijzen. Mensen kunnen onverwachte eisen stellen aan een lijm of verf op basis van hernieuwbare grondstoffen. In positieve zin kunnen meningen van burgers ondernemers prikkelen tot creatieve gedachten hoe mensen tot de aanschaf van zulke biobased producten zijn te verleiden.

Verbreden van mindsets

Bij de Magic Eye-plaatjes moest je er als het ware langs heen kijken om het verborgen object te ontdekken dat zich  niet meteen laat zien. Bij de wens van maatschappelijk draagvlak is het op soortgelijke wijze belangrijk om langs je eigen doelen heen te kijken, je (over)concentratie te ontspannen. Dit is vaak lastig als je getraind bent om instrumenteel en doelgericht te werken, maar juist door een bredere mindset kunnen maatschappelijk geaccepteerde producten mét maatschappelijke meerwaarde– het ideale eindresultaat van een maatschappelijk incubator – eerder realiteit worden. Een stakeholdersdialoog met meer dimensies en diepte komt dan makkelijker op gang.

“Bredere mindsets die ook het niet-economische zien, bevorderen het economisch succes van biobased producten met maatschappelijke meerwaarde.”

Ik ben benieuwd wat u van deze stelling vindt?

Agenda / Evenementen

Videokanaal

Het AgriFoodTech Platform heeft de nieuwste technologische ontwikkelingen binnen de voedselproductie in beeld gebracht.